Restez au courant de Bionews

Passendale: het eerste A-kaasmerk dat op de biomarkt richt

Vanaf september vind je naast de gekende Passendale Classic ook een biologische versie in de supermarktrekken en kaasspeciaalzaken. Daarmee is Passendale het eerste A-kaasmerk dat op de biomarkt mikt. 'Dit was een logische volgende stap.'

Eind augustus lanceert Passendale als eerste Belgische A-merk een biovariant van hun bekendste kaas: de Passendale Classic Bio. De biokaas zal eerst te vinden zijn bij de kaaspeciaalzaak in je buurt en ook begin september als plakjes in de supermarkt. 'Dit is geen bevlieging', benadrukt plant manager Ronny Verhe. 'Hier is tien jaar onderzoek aan voorafgegaan. We willen dan ook echt pionier zijn.'

'We zijn inderdaad al heel lang bezig met het idee', pikt ook brand manager Elke De Block in. 'De Passendalekaas was eigenlijk al heel natuurlijk. We gebruiken geen conserveer-, noch kleurmiddelen en de kaas is van nature lactosevrij door het proces dat eraan voorafgaat, zoals de meeste harde kazen. De kaas is bovendien ideaal voor vegetariërs, want in tegenstelling tot vele kazen wordt de Passendale met een plantaardig stremsel gemaakt (een middel om van melk een vaste structuur te maken, vaak van dierlijke oorsprong, nvdr.). Het grootste verschil zit 'm bij de biokaas natuurlijk in de melk, die voor deze kaas wordt aangeleverd door verschillende Vlaamse bioboerderijen.'

Kaasmeester Hans De Praeter neemt ons mee op een tour doorheen het bedrijf. Hij werkt al dertig jaar voor Passendale en kent het merk dan ook op zijn duimpje. Na een korte geschiedenis over het ontstaan van het bedrijf, houdt hij halt bij de kaasbakken waar net de gekende bollen Passendale worden afgevuld in linnen doeken. 'Voor een kilogram kaas heb je tien liter melk nodig', legt De Praeter uit. 'En aangezien een bol kaas voor 98% uit melk bestaat, kunnen we er ook niet omheen om de Passendale Bio een beetje duurder te verkopen.'

'We hebben er wel voor gekozen om een aanvaardbare prijs te garanderen', vult De Block aan. 'De biokaas zal zo'n achttien procent duurder zijn dan de gewone Passendale.' Concreet neemt u voor 2,99 euro honderdvijftig gram biokaas mee naar huis. De duurdere biokaas heeft natuurlijk ook veel voordelen ten opzichte van een gewone kaas, legt de brand manager uit. 'Niet alleen is het gezonder en beter voor het milieu, ook op vlak van dierenwelzijn is het een grote stap vooruit.'

Geen kaasland

Tijdens de rondleiding in de fabriek passeren we onder meer de pekelbaden waarin de kazen zo'n twintig uur dobberen om hun natuurlijke korst te verkrijgen en wandelen we langs tal van rijpingsruimtes waar de kazen - afhankelijk van de soort - tot vijf weken liggen rijpen. 'België is eigenlijk geen echt kaasland', grapt kaasmeester De Praeter. 'We hebben geen eigen tradities, want we maken onze kazen zoals de Nederlanders en laten ze rijpen als de Fransen. Nu ja, je zou dat ook best of both worlds kunnen noemen.'

Bij een rek vol kaasbollen stopt de man en snijdt hij een stukje af. 'Wil je alvast eens proeven van de biokaas? Let op: de smaak is nog niet op punt, want deze heeft nog niet lang genoeg gerijpt.' We steken het bleke stukje kaas in onze mond en proeven een nog heel melkerige substantie. Het is moeilijk om hier alvast een eindoordeel uit op te maken. We vragen dan maar wat de toekomstplannen van Passendale zijn. Zien ze al hun kazen op termijn biologisch worden, of stopt het bij deze?

'Dat valt nog af te wachten', antwoordt Ronny Verhe. 'We willen eerst afwachten hoe de consument dit verhaal oppikt. De biolandbouw staat ook nog niet ver genoeg in Vlaanderen voor een volledig biologische productie, en voor ons is het wel belangrijk dat we ook echt met melk van eigen bodem werken. Hoe dat evolueert, moet de tijd uitwijzen.'

'We weten dat een op de twee consumenten jaarlijks iets van biozuivel koopt', vult Elke De Block aan. 'We willen wel benadrukken dat we deze kaas niet op de markt brengen om louter in te spelen op de stijgende vraag. Het vergde voor Passendale geen grote aanpassingen om biologisch te gaan produceren, omdat onze kazen sowieso al vrij gezond waren, zoals we al vertelden. Dit was een logische volgende stap die perfect past binnen onze visie van lokale en ambachtelijke productie.'

Het is dan ook niet de eerste keer dat Passendale een dergelijke poging onderneemt. In 2002 bracht het merk de kaas Biamo uit, dat echter werd afgevoerd wegens onvoldoende vraag. 'De tijd was er niet rijp voor', verduidelijkt Hans De Praeter. Het is echter niet zo dat de Passendale de afgelopen jaren heeft stilgezeten op vlak van biologische kazen. Het bedrijf maakt al jarenlang een biokaas voor een Duits zusterbedrijf, die niet verkrijgbaar is op de Belgische markt.

Gezond en goed voor milieu

Maar aan welke aspecten moet melk voldoen om het biologisch te kunnen noemen? Het gezelschap neemt ons mee naar een van de bioboerderijen die levert aan Passendale. Antoon Devreese startte in 1995 zijn boerderij in Lo-Reninge op. Zijn 240 koeien leveren hem dagelijks zo'n vijfduizend liter biomelk op, terwijl gewone melkveehouders al snel aan meer dan het dubbele zitten. 'Mijn dieren produceren inderdaad minder, maar krijgen ook geen krachtvoer toegediend zodat ze meer melk dan normaal kunnen geven. De biologische melkveehouderij leunt veel dichter aan bij de natuurlijke manier.'

Niet alleen worden alle voeders van de dieren biologisch geteeld zonder chemische verdelgers, de dieren mogen ook de hele dag buiten in de weide lopen tussen negen en vijf (ook koeien hebben kantooruren). Tijdens de hitte van de afgelopen weken stuurde Devreese ze echter pas 's avonds buiten zodat ze de hele nacht buiten konden grazen. Daarnaast wordt er in de biologische veeteelt niet aan preventieve antibiotica gedaan zoals in de gewone melksector, maar worden de dieren enkel curatief behandeld. Deze zaken zorgen er niet alleen voor dat de melk gezonder is, maar ook beter voor het milieu.

Het resultaat van deze aanpak? Koeien met minder stress die bovendien ongeveer twee jaar langer meegaan dan de gemiddelde melkkoe. Wanneer we optimistisch vragen of Devreese in de toekomst zijn collega's ook richting bioproductie ziet verschuiven, zet de melkveehouder onze voeten snel weer op de grond. 'Ik denk niet dat zoiets voor meteen is. Bioproductie levert natuurlijk nog steeds minder melk op dan de gewone aanpak. Bovendien moet je ook over veel meer land beschikken, want biokoeien moeten voldoende ruimte krijgen.'

Zoals steeds zal dus de vraag van de consument allesbepalend zijn voor de toekomst van onze planeet en onze gezondheid, leiden we af uit de gesprekken van vandaag. Misschien de volgende keer toch eens een biokaas uitproberen in plaats van uw gewoonlijke plakjes?

Bron: Knack Weekend